Mijn definitie van hoogbegaafd.
Hoogbegaafd is een term die alleen
geldig is als je de mensheid indeelt naar hun IQ.
Alleen dan is er een groep die scoort bij de hoogste 2
procent op een IQ-test. Deze groep topscorers noemen we
hoogbegaafd. (geschiedenis)
Een talent voor voetbal, schaken
of viool heeft geen correlatie met de term hoogbegaafd.
Die term geldt voor de indeling van de mensen naar
maatschappelijk succes op één of ander
terrein. Er is natuurlijk een overlap tussen deze twee
aparte groepen. Een hoogbegaafd persoon kan ook een
voetbaltalent hebben. Maar evengoed een talent waar de
maatschappij niet op zit te wachten. Bijvoorbeeld een
talent voor kritiek.
Om wat grip te geven op de term
hoogbegaafd zijn er velen waaronder mijzelf die het
graag koppelen aan het hebben van een talent. Wel een
speciaal talent. Een denktalent. Maar liever spreek ik
nog van een hersentalent. Tenslotte meet je met een
IQ-test de snelheid van je hersens. En in die hersens
zit je verstand, je gevoel, je intuïtie, feitelijk
alles wat je bent en wie je voorstelt. En als die
snelheid geldt voor je hersens dan zal het ook gelden
voor je zenuwbanen want dat is allemaal van hetzelfde
materiaal, tenslotte. Dus ook je lichaam zal je anders
ervaren met zo’n hersentalent. Een hoogbegaafde
is echt anders!
Dit alles onderstreept dat een
IQ-test erg lijkt op hoogspringen. Je moet het willen
en mogen van jezelf. Je moet ook enige ervaring hebben
met het gebruik van je hersens. En de omstandigheden
moeten je in staat stellen om zo hoog mogelijk te
kunnen scoren. Een lagere score kan makkelijk gehaald
worden maar een hogere score is per definitie
onmogelijk te behalen.
In Nederland zijn er circa 330.000
hoogbegaafden waaronder 30.000 basisscholieren en
22.500 scholieren in het Voortgezet Onderwijs. Lid van
Mensa zijn er circa 5000 geweest of zijn het nog. En
circa 10.000 gezinnen zijn lid van één
van de ouderverenigingen. Waar de andere 300.000 zijn
is onbekend. Hierdoor zijn we als groep natuurlijk niet
herkenbaar of bekend.
Wat mij vaak zo stoort is dat veel
hoogbegaafden ook andere diagnoses krijgen zoals de
beruchte serie in het autistische spectrum en de
persoonlijkheidsstoornissen. Vaak lijkt het mij eerder
een effect van verkeerd omgaan met hun hersentalent.
Dit is niemands schuld, overigens. Het is tenslotte
nauwelijks bekend. Wel vind ik het belangrijk dat er
veel meer belang wordt gehecht aan het testresultaat
van een hoog IQ. Dit wordt mijn inziens nu nog te vaak
en rigoureus weggewoven. Alsof dat slechts makkelijk en
handig is zodra de patiënt genezen is. Probleem is
dat ‘genezing’ niet kan. Een hersensnelheid
gemeten met een IQ-test is één van de
stabielste kwalificaties die er bestaat.Veel meer dan
een 10 punten verschil wordt niet gemeten bij een
goede testafname. Mijn standpunt is dat diagnoses
alleen maar mogen worden gesteld als de omgeving van de
‘patiënt’ en de kennis van de
‘patiënt’ voldoende aangepast en
geoptimaliseerd is om als hoogbegaafde te kunnen
functioneren. Pas dan en niet eerder mag er een tweede
diagnose geplakt worden. Dit geldt voor kinderen maar
zeker ook voor volwassenen.
Een hersentalent is vergelijkbaar
met bijvoorbeeld een voetbaltalent. Neem deze laatste
zijn voetbal af en hij(meestal een hij) schopt tegen
andere zaken aan. Bestraf je dit gedrag dan neemt de
frustratie grootse vormen aan en zal het leven met
zo’n joch voor alle partijen een lijdensweg
worden. Zo ook gaat het met een hoogbegaafd iemand.
Overigens zijn hierbij beide sexes gelijkelijk
vertegenwoordigd. Ontneem de hoogbegaafde zijn
hersengymnastiek en hij/zij gaat frustratiegedrag
ontwikkelen. En dat gaat slechts van kwaad tot erger.
Als laatste ben ik er zeker van
dat de erfelijkheidsfactor hoger is dan 80%. Dit
betekent dat hoogbegaafdheid vrijwel altijd in de
familie(jonger/ouder) aanwezig is.
Enkele onderdelen van mijn theorie
over de effecten van hoogbegaafdheid wil ik nog melden.
Van daaruit wil ik anderen helpen met hun anders-zijn.
De term die ik vaak gebruik is
‘zichtsveld’. Daarmee bedoel ik het geheel
dat een mens in één keer kan overzien.
Waar een mens ook in één blik de
verbanden ziet en niet hoeft over te schakelen naar een
ander zichtsveld. Mijn aanname is dat de grootte van
dit zichtsveld een maat is voor de hoogte van het IQ.
Hoe hoger het IQ, des te breder het zichtsveld, des te
meer verbanden gezien worden tussen ogenschijnlijk niet
verbonden onderdelen. Een praktisch voorbeeld hiervan
is het vaak moeilijke aanleren van samenvattingen maken
op school. Hier krijg je ter oefening een kort
verhaaltje die vanwege dat brede zichtsveld automatisch
groeit tot het dubbele of nog meer. Bijvoorbeeld een
verhaal over een hond met kluif. Aan die kluif worden
details verzonnen ten behoeve van de vulling van het
zichtsveld die niet in het verhaal zelf staan. De
samenvatting vermeldt natuurlijk ook niet alle details
maar is wel al snel langer dan het oorspronkelijke
verhaal. De oefening is dus mislukt en de leerkracht
probeert het met een korter verhaal. Dit werkt
natuurlijk averechts. Het kind is niet erg slim, is de
conclusie. Een ander effect van dit brede zichtsveld is
dat volwassen hb-ers nogal eens verbanden aangeven die
anderen gewoonweg niet zien. Een voorbeeld is de
werkomgeving waarin de hb-er niet functioneert. De
redenen waarom zal voor de hb-er van alles kunnen zijn
en die worden dan ook gezegd. Dat is allemaal erg
duidelijk voor de hb-er en daar gaat hij/zij dan ook
tegen in. De collega’s zien al die verbanden niet
maar wijzen slechts op het feit dat de hb-er niet bij
zijn leest blijft. Hij/zij bemoeit zich bv. met
andermans werk en vooral met de baas. Voor de hb-er is
dit een klein en meestal niet-significant onderdeeltje
in diens zichtsveld. Bij de collega’s is dit een
vullend onderdeel en daardoor erg storend. Begrip
krijgen voor je eigen zichtsveld werkt bevrijdend,
probleem is wel dat je ergens dus beter in bent dan
andere mensen zonder dat je daarin bevestigd wordt.
Een tweede uitgangspunt voor mij
is deze indeling van de mens zelf. Hij of zij bestaat
uit lichaam, verstand, gevoel, emotie en een IK.
Hiermee kan ik evenwichten aanleren welke het welzijn
bevorderen van de hoogbegaafde mens. Want elk vergeten
onderdeel zal gaan ‘rotten’ of
‘klieren’ als het geen aandacht krijgt.
Ook belangrijk is acceptatie. Maar
dan acceptatie van jezelf met een helder maar wel
realistisch zelfbeeld. En dat is weer moeilijk omdat
dat slechts op te bouwen is met soortgenoten, spiegels
die realtime reflecteren en met jou kloppen. Acceptatie
krijg je niet zolang je jezelf niet accepteert in die
manier dat het ook klopt. Daarvoor hoef je geen hoog IQ
te hebben. Ook laagbegaafde mensen voelen dat
haarscherp aan. Hoogbegaafde mensen moeten eerst door
hun verstand heen.... en met haarscherpe weerwoorden
van andere hoogbegaafden. Mensen die je verhaal/analyse
aanvullen in plaats van uitleg vragen. Mensen die jouw
verhaal verder aanvullen waardoor jij je verhaal
uiteindelijk kunt afmaken, je komt tot een conclusie in
plaats van leegte.
De kunst van het evenwicht vind ik
ook een mooi item. Hoogbegaafden die vast zitten leven
vaak in zwart-wit. Meer zwart, overigens. Niet erg is
dat maar wel onnodig want het vreet energie en het
levert nauwelijks wat op. Evenwicht vinden en houden in
allerlei zaken en situatie van klein tot groot brengt
weer de verwondering terug over het leven en de lol er
in. Evenwicht in ik en hunnie, in zelfbeeld en
reacties, laten je uiteindelijk weer leven zoals
bedoelt. En het leuke is dat en zwart-wit en evenwicht,
situaties zijn die vrij stabiel blijven. Het is niet de
evenwichtskunstenaar die op de balk blijft als de massa
er af valt. Het is de gekozen/gemaakte omgeving die
zorgt voor stabiliteit en de lange reactietijd van een
mens op veranderingen.
Een nieuw idee heeft te maken met
kinderen maar daar we allemaal kind zijn geweest heeft
dit wellicht ook effect op ons functioneren.
Hoogbegaafde kinderen functioneren
constant in hún gebied van naaste ontwikkeling.
Wat ze al weten is niet interessant, lopen ze overheen.
Nieuw is leuk want dan kun je je hersens gebruiken. Net
bekende, nieuwe kennis is daarom niet leuk meer, dus
herhaling of laten zien dat je het kan is, als de rest
ook tegenvalt, zelfs frusterend. Vertrouw op die
kinderen zonder direct bewijs en zolang zij, of iets
nieuws leren of bezig zijn met echt oude
kennis/vaardigheden, dan is het meestal goed. Misschien
is het voor ons volwassenen wel een tip van een sluier?
Kinderen zijn tenslotte zuiverder in handelen en
denken.
Nog een tip, wellicht. Ik heb een
boekje geschreven, te koop bij HBboek.
De titel is: Hoe het leven mij
misleidde; een hoogbegaafde in ontwarring
De geschiedenis van de term
‘hoogbegaafd’ in mijn woorden, kunt u hier lezen.
ProWat
voor hoogbegaafden